Idool ontmoeten

1 februari 2016
tekst: Ruud Vermaase

Iedereen waarschuwt je ervoor: een ontmoeting met je grote idool valt altijd tegen. Zeker als het een jeugdidool is. Ook als je de ontmoeting niet ziet aankomen? Hij is een goede bui, maakt grapjes en geeft zelfs complimenten aan zijn bandleden. Toen ik kaartjes kocht, telde ik op mijn vingers na de hoeveelste keer het is dat ik hem zou gaan zien. Drie keer Focus in de jaren 70, een keer met een Brainbox reünie, de Eli-tour, laatst nog een keer met Eric Vaarzon Morel en toch zeker vier keer met zijn eigen band. En pakweg de helft van deze concerten waren verschrikkelijk, had ik plaatsvervangende schaamte hoe hij zich gedroeg tegen zijn begeleiders, geluidsmensen of zelfs het publiek.

Maar niets van dat alles vanavond in het Beauforthuis. Het hele concert is hij goedgemutst (petje). Vervangt een snaar terwijl hij gewoon doorspeelt! Met zijn tanden trekt hij hem door het stemmechaniek heen. Publiek op de banken. Ik ook, evenals de drie vrienden die ik mee heb gelokt vanavond.

De allereerste keer dat ik Jan Akkerman zie, is in De Vliegermolen* in Voorburg midden jaren 70. Focus is net terug uit Amerika waar ze furore hebben gemaakt. Akkerman is zelfs door de lezers van het Engelse Melody Maker uitgeroepen tot beste gitarist ter wereld.

En nu, ruim veertig jaar later, sta ik na het concert aan de bar in het Beauforthuis en krijg vier biertjes toegeschoven. Voor ik ze kan aanpakken, tikt er iemand op mijn schouder.
“Is daar eentje voor mij bij?” Ik zie een onbekende arm naar het rijtje van mijn vier biertjes wijzen. Ik draai mij om en wil een gevatte opmerking terug plaatsen en zie dat de onbekende arm aan Jan Akkerman toebehoort. “Natuurlijk”, zeg ik en reik hem een glas aan. “Bedankt voor het concert, ik heb genoten.” We tikken onze bierglazen tegen elkaar en we raken aan de praat. Jan blijft vriendelijk, legt mij uit hoe de drummer van zijn band gebruik maakt van loops, is zelfs aardig over Pierre van der Linden als ik vertel dat ik die een paar weken geleden op hetzelfde podium heb gezien. Samen drinken we ook het derde en vierde glas op, mijn vrienden die het rondje bier missen, kijken van een afstandje toe. Een tafereeltje als een dolgelukkig kind dat met zijn nieuwe speelgoed speelt.

Schouder aan schouder hang ik met Jan nog minutenlang aan de bar, pratend over al die concerten die ik heb gezien, al die elpees die ik thuis heb. “Jan”, roep ik uit, “je was mijn idool, ik had jouw poster op mijn jongenskamertje hangen.”
Jan legt zijn hand op mijn schouder: ‘’Als je al die oude elpees op CD koopt, verdien ik tenminste wat aan je.” Hij grinnikt en gaat naar zijn merchandise tafeltje. Mijn vrienden lopen naar mij toe, komen om mij heen staan en horen mij uit. Het doet mij denken aan een schoolfeestje. Dat ik eindelijk met dat mooie meisje uit 5V heb gezoend op de dansvloer en daarna opgewonden verslag doe tegen mijn klasgenoten. Een stukje verderop zie ik haar hetzelfde te doen met haar vriendinnen.

Bezweet, dolgelukkig, zestien jaar.

* Voor de liefhebbers, een verslag van het concert in De Vliegermolen in 1973:

Jan heeft het een beetje moeilijk met zichzelf na zijn uitverkiezing tot beste gitarist ter wereld. Ruim twee uur te laat arriveert hij, maar niemand heeft de zaal verlaten. Af en toe komt Thijs van Leer het podium op om het publiek tot rust te manen. ‘’Jan is onderweg”, bezweert hij het steeds rumoeriger wordende publiek. Ik ben nog maar jong en hou mij stil en netjes, maar oudere jongens schreeuwen verontwaardigd terug. Draaien nog een joint, drinken een biertje, zoenen met hun vriendin. Ik kan mij eigenlijk niet meer herinneren hoe ik samen met een klasgenoot die lange wachttijd doorgekomen ben. Striemend is het fluitconcert als Jan Akkerman eindelijk het podium op loopt. Zijn lange haren heeft hij kortgeknipt, simpele bruine kabeltrui en zijn vertrouwde zwarte Gibson om de nek. Nerveus maan ik het woeste publiek tot rust, bang dat hij boos weer wegloopt, maar ik doe mijn daden alleen maar in mijn gedachten en kijk smekend om mij heen. “Hou op met fluiten,” smeken mijn ogen. Jan start furieus met zo’n typisch Akkerman loopje, het publiek slaat als één man om en juicht alsof er een winnend doelpunt is gescoord. Het hele concert heb ik met ingehouden adem gevolgd. Beste concert ooit.

 

Add new comment

Plain text

  • No HTML tags allowed.
  • Web page addresses and e-mail addresses turn into links automatically.
  • Lines and paragraphs break automatically.