Dichtbij is het lekkerst

15 januari 2021
tekst en foto: Ruud Vermaase

“Goedemmmm…” Op de lang klinkende mmmm kijkt Geri op de grote stationsklok die aan de muur hangt en hakt de knoop door. Staan de wijzers voor de twaalf dan wordt het een ‘goedemmmmorgen’, anders een ‘goedemmmmiddag’.

Zo begint al ruim twintig jaar mijn wekelijkse bezoekje aan de kaaswinkel van Geri Peterse in winkelcentrum De Clomp. Let er maar op. Nu ik dit schrijf, realiseer ik me dat ik waarschijnlijk altijd rond het middaguur de winkel binnentreed.

In zijn nieuwe winkel liggen tegen de achtermuur de kazen tot het plafond opgestapeld. Geen crisis of hamsterwoede die zijn voorraad doet slinken. Aangesneden boerenkazen uit omringende dorpen als Stolwijk en Bodegraven liggen verleidelijk op de toonbank. Een groot rek boordevol pinda’s in alle soorten, maten en mixen is nauwelijks te negeren. Altijd even opletten dat ik niet per ongeluk de ongezouten pakt, ik wil niet voor antroposoof worden aangezien.

Een andere muur is volledig gevuld met een koeling vol buitenlandse kaasjes. Smeuïge witte kazen, geurende blauwe kazen en stevige gele kazen. De aanwezige verkopers adviseren je heerlijkheden uit alle streken van Frankrijk of Noord-Italië. Althans, dat dacht ik te begrijpen. Toen ik Geri ooit geïnteresseerd vroeg waar een kaasje vandaan kwam, verstond ik overduidelijk ‘Mon Forge’. Ik proef de naam een beetje op mijn tong. “Waar ligt dat dorpje ongeveer?”, vraag ik met een deskundig gezicht. Ik herinner me onze vele kampeervakanties in Frankrijk en stel mij een klein pittoresk Frans plaatsje voor me. Montfort-sur-Meu, Montfort-sur Risle, zulke dorpjes…

Hij kijkt mij onnozel aan: ‘’Montfoort”, zegt hij nu ineens met zijn pure Nederlandse tongval. Alsof dat helpt bij het voor de geest halen van die enorme Franse landkaart. “In de buurt van Normandië?” help ik hem, mij voordoend als een geroutineerde globetrotter. “Montfoort!” herhaalt hij duidelijk articulerend, “dat ligt hier even verderop”. Het kwartje valt.

Alle kazen worden strak ingepakt (hoe doen ze dat toch?), de kaasblokjes (traditionele spaarzegels)  in mijn bonnetje gevouwen en ik reken af. Bij het in mijn tas stoppen van alle pakketjes begin ik nog even over zijn Feyenoord. Elke keer weer een dankbaar onderwerp…

Mijn ‘Mon-fort’ blunder is inmiddels uitgegroeid tot een running gag binnen ons gezin als ik een kaasplankje presenteer. “Zit dat kaasje uit Mon-fort (met fraaie Franse tongval) erbij?”

 

Volgende column: Exodus hoofdkantoren
Ruud schreef ook: Bloemen moet je krijgen

 

Bijdrage: 

Voeg een reactie toe

Plain text

  • HTML tags zijn niet toegestaan.
  • Website-adressen en emailadressen worden automatisch omgezet in een link.
  • Regels en paragrafen breken automatisch af.