Ruimte geven

15 juni 2021
tekst en foto: Erwin Hagen

Als directeur van verschillende organisaties vond ik verjaardagen en oud & nieuw altijd lastige momenten. Ik ervaarde mijn ongemak, en daarmee waarschijnlijk ook mijn houterigheid, als ik door vrouwelijke medewerkers werd gefeliciteerd met mijn ‘weer een jaartje ouder’. Nog erger was het voor mij om ’s ochtends losjes op een medewerkster af te moeten stappen om haar te feliciteren met háar jaartje ouder of met de start van het nieuwe jaar. Met het toenemen van mijn routine in deze situaties werd mijn arm steeds horizontaler en meer gestrekter. Mijn non-verbale boodschap: we hóeven niet te knuffelen.

Voor alle duidelijkheid: ik knuffel graag. Met mijn partner, onze kinderen, mijn echte vrienden (zowel mannen als vrouwen) en de hond. De ander en ik voelen heus wel of het goed zit. En dan zitten we er samen nooit naast.
Maar ook in andere situaties. Als ik voel dat de ander die ene aanraking op dat ene moment prettig zou kunnen vinden, dan ervaar ik bij mijzelf geen ongemak.

En toen was er Corona. Met alle ellende die deze crisis met zich meebracht, vond ik het verbod op aanraking direct een zegen. Lang leve de anderhalve-meter! Een knipoog, een blik of een vriendelijke knik zei vaak al meer dan genoeg.

Ik ervaar dezelfde situatie in het verkeer. Je herkent het vast wel.

Als weggebruikers nader je allebei een situatie waarin of-de-een , of-de-ander voorgaat. Als de-een een bestuurder is van een auto van Duits fabrikaat, met een merk dat uit drie letters bestaat, is het een kansloze situatie. Hij of zij (meestal een hij) wurmt zich standaard als eerste naar voren en pakt met een arrogante knik naar jou zijn ruimte. Een non-verbaal ‘dank-je-wel’ volgt in dat soort situaties nooit. Hij vindt dat hij het volste recht op voorgaan heeft, en dat zal-ie nemen ook!

Er zijn ook weggebruikers, meestal een zij, die (doen alsof ze) niet door hebben dat er een situatie is waarbij de vraag voorligt wie voor mag gaan. Stoïcijns vooruitkijkend wordt er dan doorgereden. In die situaties is non-verbale communicatie zelfs volledig afwezig.

Maar dat zijn tegenwoordig de uitzonderingen! Elke dag opnieuw maak ik mee dat we, zowel met een zij als met een hij, er samen soepel uitkomen. Met een vriendelijk wuifhandje geeft de ene partij de ander het signaal, de ruimte, om voor te gaan. Waarop vervolgens de ander met een duidelijk zichtbaar gebaar aangeeft dat zeer op prijs te hebben gesteld.
Ik weet, ik voel, zeker dat we dat dan beiden ervaren als een klein momentje van geluk. Een moment van je prettig voelen. Letterlijk de ruimte geven en krijgen.

Dus, mochten we elkaar in het verkeer ooit tegenkomen: natuurlijk krijg ik graag de ruimte en bedank ik je daarvoor vriendelijk. Maar met nog meer plezier laat ik je voorgaan. Dat leuke moment laat ik mij niet ontgaan.
 

Bijdrage: 
Column: 

 


Erwin schreef eerder:
Online outside

Meer over knuffelen in coronatijd:
Zonder (liefde in tijden van corona)

Volgende artikel:
Elisah Pals opent Plastic Free July

 

Reacties

Heel herkenbaar! Vooral als weggebruiker.

Voeg een reactie toe

Plain text

  • HTML tags zijn niet toegestaan.
  • Website-adressen en emailadressen worden automatisch omgezet in een link.
  • Regels en paragrafen breken automatisch af.